
Kansspelautoriteit publiceert drie nieuwe studies over gokgedrag onder jongeren en jongvolwassenen

Drie onderzoeken werpen licht op kwetsbare groepen
De Kansspelautoriteit heeft bevindingen vrijgegeven uit drie afzonderlijke studies die nieuw licht werpen op gokpatronen bij minderjarigen en jongvolwassenen tussen achttien en vierentwintig jaar, waarbij de resultaten direct bruikbare instrumenten opleveren voor betere bescherming van deze groepen.
Volgens de publicatie op de officiële site van de toezichthouder richtten de onderzoeken zich op het gokgedrag van jongvolwassenen in de eerste drie maanden na registratie bij een legale online aanbieder, op gokken onder mbo-studenten en op de manieren waarop minderjarigen in contact komen met kansspelen.
Jongvolwassenen direct na registratie
Het eerste onderzoek volgde jongvolwassenen vanaf het moment dat zij zich inschreven bij een vergunde online aanbieder en bracht in kaart hoe hun activiteit zich ontwikkelde gedurende de eerste drie maanden, waarbij data werden verzameld over frequentie, inzetbedragen en voorkeuren voor specifieke spellen.
De cijfers tonen aan dat een aanzienlijk deel van deze nieuwe spelers al in de eerste weken een vast patroon ontwikkelt, terwijl anderen juist sporadisch deelnemen en snel weer afhaken, waardoor de toezichthouder gerichtere interventies kan voorbereiden op basis van deze vroege signalen.
Gokgedrag onder mbo-studenten
Het tweede onderzoek richtte zich specifiek op studenten in het middelbaar beroepsonderwijs en onderzocht zowel de prevalentie als de motieven achter hun deelname aan kansspelen, met aandacht voor de invloed van sociale omgeving en beschikbare tijd.
Resultaten geven aan dat mbo-studenten relatief vaak online gokken en dat een deel daarvan dit combineert met studie- of bijbaanverplichtingen, waardoor de Kansspelautoriteit nu over aanvullende gegevens beschikt om voorlichtingscampagnes gerichter af te stemmen op deze doelgroep.
Minderjarigen en hun ontmoeting met kansspelen
Het derde onderzoek bracht in beeld hoe minderjarigen in aanraking komen met gokactiviteiten, of dat nu via online advertenties, sociale media, fysieke locaties of via oudere bekenden gebeurt, en welke factoren daarbij een rol spelen.
De bevindingen laten zien dat minderjarigen regelmatig worden blootgesteld aan kansspelinhoud via platforms waar leeftijdscontroles ontbreken of omzeild kunnen worden, en dat dit contact vaak al plaatsvindt voordat zij zelf actief gaan gokken.

Praktische toepassingen voor de toezichthouder
De drie studies leveren de Kansspelautoriteit concrete aanknopingspunten op om bestaande maatregelen aan te scherpen en nieuwe beleidsinstrumenten te ontwikkelen, vooral omdat de data afkomstig zijn uit recente registraties en actuele gedragspatronen in augustus 2026.
Door de inzichten uit de onderzoeken te combineren, kan de autoriteit beter inschatten waar risico’s zich het snelst manifesteren en welke kanalen het meest effectief zijn voor preventie bij zowel jongvolwassenen als minderjarigen.
Conclusie
De publicatie van de drie studies vormt een belangrijke aanvulling op het bestaande kennisbestand van de Kansspelautoriteit en stelt de toezichthouder in staat om gerichtere acties te ondernemen ter bescherming van jongeren, waarbij de verzamelde gegevens direct gekoppeld worden aan de dagelijkse praktijk van legale aanbieders en de bredere online omgeving. Nieuwe inzichten in gokgedrag minderjarigen en jongvolwassenen bieden daarmee een actueel kader voor verdere beleidsontwikkeling.